Deze site gebruikt cookies om informatie op te slaan op uw computer. Door het gebruik van onze site accepteert u de voorwaarden. Lees onze Cookie Verklaring.
Doorgaan

Columns archief


NEEM OF GEEF EEN ABONNEMENT OP LEVEN IN FRANKRIJK

En ontvang de nautische dekbedovertrekset t.w.v. € 89,95!



La folie des grandeurs

De organisatie van het EK deze zomer was voor de Fransen een soort generale repetitie voor het komende decennium. Het land wil dolgraag twee grote evenementen organiseren: de Olym­pische Spelen van 2024 en de Expo van 2025. Aanslagen, overstromingen, protesten, rellen, hooligans en boze boeren: om te zeggen dat de sfeer in Frankrijk nogal neerslachtig is, zou een eufemisme zijn. Politiek en bedrijfsleven werken hard samen om het land weer een positief imago te geven. Het binnenhalen van twee grote evenementen moet verlossing brengen.
Dit is de vierde keer sinds 1992 dat Parijs de Spelen probeert binnen te halen. In 2005 viste de stad voor het laatst achter het net en tot grote ergernis van de Fransen ging aartsrivaal Londen er met de buit vandoor. De Engelsen zouden er niets van bakken, dacht men hooghartig. Maar de Britse editie van 2012 werd een spectaculair succes. Dat kunnen wij nóg beter, denken ze in het Hôtel de Ville. Dit keer is de slogan ‘De kracht van een droom’. Niet echt inspirerend. Alsof de Parijzenaars er zelf nauwelijks in durven te geloven. De ambities spatten niet van de redelijk eenvoudige website af. In de stad hangen weliswaar wekelijks nieuwe affiches die het sportieve karakter van de stad benadrukken, maar de Parijzenaars zelf vragen zich af of het wel slim is, in deze tijden van crisis en terreur.
Een trits sponsors moet benadrukken dat het project breed gedragen wordt. Maar de helft van die sponsors zijn staatsbedrijven, of bedrijven waar de staat een flink aandeel in heeft. De stad heeft nog ongeveer een jaar om alle neuzen dezelfde kant op te krijgen. Het Internationaal Olympisch Comité besluit herfst volgend jaar of Parijs precies een eeuw na de laatste keer de Spelen opnieuw mag organiseren.
Als 2024 niet lukt is er altijd nog 2025. In dat jaar moet de Internationale Wereld­tentoonstelling in Parijs plaatsvinden. De vraag is of in deze tijd zulke Expo’s nog wel zin hebben. Vroeger waren de ­tentoonstellingen een manier om de bevolking kennis te laten maken met nieuwe uitvindingen en verre volkeren. Nu iedereen via internet met elkaar is verbonden en met budgetmaatschappijen de hele wereld over kan reizen, is veel van de aantrekkingskracht van de Expo weg. Het organisatiecomité lijkt dat zelf ook te beseffen. De site van de Expo 2025 is niet veel beter dan die van de Olympische Spelen: veel tekst en weinig verbeelding. Voor de Expo van 2025 is de concurrentie dun. De enige andere stad die zich tot nu toe heeft aangemeld is Rotterdam.
Er staat niet alleen prestige op het spel. De evenementen moeten ook grote infrastructurele projecten versnellen. Zo is de Eiffel­toren een overblijfsel van de Expo van 1889 en de metro van die van 1900. Dit keer moeten de Spelen en de Expo een verdubbeling van het metronet (van tweehonderd naar vierhonderd kilometer, daarover volgende keer meer), woningbouw en de vernieuwing van de voorsteden versnellen. Laten we daarom een beetje dromen over een goede afloop. Dit land heeft het nodig.

Meer info over de kandidatuur voor de OS van 2024 op www.paris2024.org en over de Expo 2025 op www.expofrance2025.com.

Stefan de Vries (1970) woont en werkt in Parijs sinds 1999. Hij is correspondent voor RTL Nieuws, de VRT en BBC Radio. Op de Franse zenders France 24, Arte, France 3 en TV5 levert hij commentaar op de Franse en Europese politiek.