Deze site gebruikt cookies om informatie op te slaan op uw computer. Door het gebruik van onze site accepteert u de voorwaarden. Lees onze Cookie Verklaring.
Doorgaan

Columns archief


NEEM OF GEEF EEN ABONNEMENT OP LEVEN IN FRANKRIJK

En ontvang de nautische dekbedovertrekset t.w.v. € 89,95!



Varkensoorlog

Niet over vrouwelijk vlees, ook niet over lubberend vlees – op onze leeftijd beslist een belangenvereniging waard – nee, ik heb het over de consumptie ervan. Ik vind een lekker lapje vlees bij de maaltijd heerlijk, sterker nog, zonder een sappig stukje runderbil, een mooie magret of een smeuïge zelfgemaakte bal, hoeft het hele diner voor mij niet meer. Deze instelling leidt tot spanningen tussen mij en mijn eega, die het liefst helemaal geen dooie dieren meer op haar bord wenst te zien. Een visje desnoods, want daar heeft ze, zoals ze het zelf uitdrukt, niet zo veel mee, maar beslist geen gefileerd kalfje of de rood glanzende borst van een eend meer. Dat is zielig en we kunnen best zonder. Nu moet ik toegeven dat haar argumenten over de bio-industrie en de manier waarop er met die beesten wordt omgegaan, mij niet geheel koud laten, maar al is de geest op zich best gewillig, het vlees is kennelijk zwak.
Totdat ik op een goeie dag en volkomen toevallig, want dit soort berichten sla ik meestal over, in de regionale krant een mededeling las over de voorgenomen uitbreiding van een varkenshouderij hier in de streek. In eerste instantie boeide het stukje me maar matig, want dit is per slot van rekening agrarisch gebied en of een boer nou 200 varkens houdt of een paar honderd meer, daar ligt niemand wakker van en ik al helemaal niet. Maar toen ik het onderwerp aankaartte bij de buren – je wilt per slot van rekening wel eens wat anders in de groep gooien dan de obligate opmerking dat het warm is voor de tijd van het jaar – bleek het plan het gesprek van de dag. Voor ik er erg in had, werd ik meegesleurd in een discussie over de mogelijke schade die een dergelijke uitbreiding zou kunnen hebben voor de kwaliteit van het rivierwater, voor de omgeving, voor mens en dier, voor het toerisme, voor andere boeren die kleinschaliger produceren en ga zo maar door.
Ik kwam terecht in een voor mij tot dat moment volstrekt onbekende wereld, een wereld die voornamelijk bestond uit lisier (moest ik opzoeken: varkensmest), nappes phréatiques (ook nieuw: grondwater) en Bretagne, want deze regio dient vanwege de enorme schade die daar aan de natuur is aangericht, als afschrikwekkend voorbeeld voor elke andere streek waar men aan intensieve varkenshouderij wil gaan doen. En ik moet tot mijn schande bekennen dat ik van dit laatste ook al niet op de hoogte was.
In de daarop volgende maanden veranderde onze anders zo rustige streek in een soort oorlogsgebied waar voor- en tegenstanders over elkaar heen buitelden, het verbale geweld niet werd geschuwd en er zelfs spandoeken langs de kant van de weg werden opgehangen. Dit laatste had ik nog niet meegemaakt; het enige spandoek dat ik hier de afgelopen jaren heb mogen aanschouwen, is dat van de jaarlijkse aankondiging van het dorpsfeest.
De door de wet voorgeschreven enquête publique had een ongekende hoeveelheid bezwaarschriften tot gevolg en leidde binnen de gemeenschap tot een tweespalt die vermoedelijk nog generaties lang zijn uitwerking zal hebben op de onderlinge verhoudingen. En het lijkt erop dat de pesterijtjes nu al zijn begonnen. De kinderen van de indieners van het uitbreidingsverzoek mogen niet meer met het busje mee dat hier de kinderen van huis ophaalt en naar school brengt, omdat degenen die deze ramassage verzorgen, verklaard tegenstander van het plan zijn. En ze zouden ook al hebben ‘gedreigd’ hun kinderen van school te halen omdat de lerares eveneens tegen is. Met als gevolg dat de school zou moeten sluiten vanwege te weinig leerlingen. Tegenstanders van het plan worden door La Féderation des Jeunes Agriculteurs uitgemaakt voor écolos of, nog erger misschien: verts, en u zult het wellicht niet geloven, maar dat zijn hier op het platteland nog scheldwoorden.
Inmiddels ligt de kwestie bij mevrouw de prefect, die moet gaan beslissen of het project al dan niet het groene licht krijgt. Maar ik heb ondertussen al een besluit genomen: ik stop met het eten van varkensvlees. Daar zal de varkensindustrie behoorlijk van opkijken.