Wijnland als geen ander

Remke de Lange is journalist, vinoloog, wijndocent en sommelier. In Australië en Zuid-Afrika maakte ze zelf wijn: Rem’s Row.

Stap een wijnwinkel binnen, sla een wijnkaart open en je ziet wijnen uit de hele wereld. Toch heeft Frankrijk nog altijd een bijzondere positie in de wijnwereld. Hoe komt dat toch?

Wijn mag nog zo geglobaliseerd zijn, kenners én liefhebbers houden altijd in de gaten wat wijnmakend Frankrijk doet. De kracht van Frankrijk? Een aantal dingen. Historie, om te beginnen. De Oude Grieken zetten al druivenstokken in de Provence. De Romeinen verspreidden de wijnbouw langs rivieren als de Rhône en Rijn verder noordwaarts. In de middeleeuwen speelden monniken een grote rol bij het in kaart brengen van geschikte plekken voor druiven. Later kreeg wijn een enorme impuls door de opkomst van de aristocratie en de burgerij.Voor de oudste archeologische vondsten rond wijnbouw, duizenden jaren voor Christus, moeten we weliswaar in landen als Georgië, Armenië en Libanon zijn, maar continuïteit is een ander sterk punt van de Franse wijngeschiedenis.

Het resultaat: grondige lokale kennis en stevige tradities, die in de jaren dertig van de vorige eeuw werden bestendigd met het appellatie-systeem. Iedere wijnstreek legt met de aanduiding ‘appellation d’origine protégé’ (voorheen: -‘controlé’) lokale praktijken vast, zoals gebruikte druivenrassen, snoeiwijze van de planten en maximale opbrengst per hectare. Dat heeft de kwaliteit van Franse wijn veel goed gedaan. De keerzijde van tradities, en daar soms stijfkoppig aan vasthouden, is dat je links en rechts wordt ingehaald door snelle types die met technologie grote stappen voorwaarts maken. Toen vanaf de jaren tachtig opkomende wijnlanden als Australië en Chili met fruitige, betaalbare wijnen steeds meer ruimte in overzeese supermarkten opeisten, moest Frankrijk wel meebewegen en wat moderniteit toelaten.

Van fris naar zwoel
Maar Frankijk heeft nog een enorme troef achter de hand: diversiteit. La douce France mag geografisch één land zijn, in de praktijk is het een optelsom van verschillende regio’s die niet alleen hun eigen gebruiken hebben, maar ook een eigen klimaat, bodem en landschap. In noordelijke streken als Champagne en Chablis groeit chardonnay onder frisse omstandigheden gedurende een relatief kort seizoen. Een koel klimaat betekent minder suikers in de druifjes tegen de tijd dat ze worden geplukt, en dus minder alcohol. Wijnen uit deze regio’s omschrijf je dan ook vaak als ‘fris’ en ‘slank’, met fruitassociaties kom je snel uit op groene appel of peer. Vergelijkbaar fris wit kom je tegen langs de Loire, ook een koele streek. Sauvignon blanc uit Sancerre, chenin blanc uit Saumur, Muscadet van het gebiedje tegen de Atlantische Oceaan: het zijn lichte wijnen met lekker springerige zuren en een alcoholpercentage dat vaak op 12,5 procent blijft hangen. Dat is al weer anders in de Elzas: druiven als pinot blanc, pinot gris en gewürztraminer worden er gedurende de zonnige zomers zo lekker rijp dat je in het glas sappige fruitbommetje krijgt, met subtiele zuren. Ga je naar het zuiden dan tref je druiven aan die dol zijn op warmte en goed tegen droge zomers en bodems kunnen.  De wijnen uit de Rhône bijvoorbeeld (Hermitage, Gigondas, Châteauneuf-du-Pape) staan bol van lekker rijp fruit. Bij de witte denk je vast aan zomervruchten: perzik, abrikoos en meloen. Rode wijnen ruiken vaak naar donker rood fruit zoals bramen, naar rozijnen of gedroogde vijgen. Onder warme omstandigheden, gedurende een lang groeiseizoen, bouwen druiven meer suikers op, en die geven weer meer alcohol. Een alcoholpercentage van 13 à 14 procent, geeft wijn zwoelte en de indruk van zoet.

Veel typiciteit
Juist die verschillen hebben ervoor gezorgd dat Frankrijk zich heeft gespecialiseerd in zeer uiteenlopende wijnen, die je kunt herleiden naar de plek waar ze vandaan komen: een combinatie van traditie en fysieke omstandigheden. Grootse bubbels uit Champagne, Loire en Bourgogne, mooie zoete wijnen uit Bordeaux (Sauternes) en het verre zuiden (Muscat de Frontignan bijvoorbeeld), elegante houtgelagerde wijnen uit Bourgogne, verfijnde kruidige rosé’s uit de Provence, lekker stevige rode wijnen uit de Languedoc-Roussillon. Denk aan een deel van Frankrijk en je zult er een paar typische wijnspecialiteiten aantreffen. Noem een Frans druivenras en je weet waar dat zich thuisvoelt. Frankrijk heeft kortom, veel typiciteit. Het is dat er zoveel geweldige wijnen elders in de wereld worden gemaakt die je ook wilt proeven. Maar voor een totaalbeleving van wijn kun je eigenlijk makkelijk in Frankrijk blijven.

Thuis proeven om Frankrijk beter te leren kennen?
Vergelijk eens een Chablis met een houtgelagerde chardonnay afkomstig uit Zuid-Frankrijk, Limoux bijvoordeeld. De eerste zal charmeren door z’n verfijnde zuren, de tweede zal je eerder aan rijpe oranje meloen doen denken, en ‘mollig’ en ‘rond’ in je mond aanvoelen. Champagne en de mousserende wijnen uit de Loire (Saumur, Vouvray) hebben heerlijke levendige zuren. Crémant d’Alsace is afkomstig uit de zonnige Elzas en wordt grotendeels gemaakt van pinot blanc, een zachte druif met lage zuren. Het is een mousserende wijn die juist meer ronde fruitigheid te bieden heeft. Rode wijnen uit de Loire, zoals Bourgueil of Chinon, hebben vaak iets ‘groens’, denk aan groene paprika. Zet er een rode wijn uit Languedoc naast, bijvoorbeeld een blend van grenache-syrah-mouvèdre en je hebt juist jammig, geconcentreerd rood fruit in het glas, met zwoele geuren als laurier, tijm en drop.