De bruisende geschiedenis van Champagne

Champagne is doordrenkt van geschiedenis: sommige huizen maken de mousserende wijn al tweehonderdvijftig jaar onafgebroken. Dat zie je aan de flessen, de styling, archieven en natuurlijk aan de ondergrondse gangen waar champagnemakers al eeuwen dankbaar gebruik van maken.

Ga bij een champagnehuis van naam op bezoek en je zult worden onthaald op jaartallen, historische anekdotes en soms zelfs kijkjes in archieven. Natuurlijk wordt elders ook al lang wijn gemaakt, maar Champagne heeft iets unieks. Anders dan andere wijnregio’s in Frankrijk is Champagne een gebied van merken, grote namen, [branding]. Een merk betekent continuïteit, betrouwbaarheid en een eigen, onderscheidende identiteit. Neem Ruinart, opgericht in 1729. Het is het oudste champagnehuis en hult z’n beroemde blanc de blancs in een historisch flesmodel. Of Veuve Clicquot (1772), groot gemaakt door een jonge weduwe, dat handelde met het Franse koningshuis en de Russische tsaren en staat nog steeds over de hele wereld in restaurants en clubs. En Moët ontving Napoleon in de kelders. Kijk, zulke verhalen maken een merk.
Pas begin negentiende eeuw kregen wijnmakers de technieken onder de knie om middels een tweede vergisting in de fles een mousserende wijn te maken zonder dat de flessen in grote aantallen ontploften. Toen er ook nog een methode werd ontwikkeld om de gistresten uit de wijn te halen en een heldere wijn te serveren, groeide champagne uit tot een luxe drank waarmee monarchen, hooggeplaatsten en mensen met geld graag worden gezien.

Internationale faam
Het statige huis van De Venoge, aan de Avenue de Champagne in Épernay, is alleen toegankelijk voor gasten. Wie een rondleiding krijgt door het negentiende-eeuwse gebouw mag een blik werpen in de dikke boeken waarin transacties en oude etiketten van het in 1837 opgerichte huis zijn bijgehouden. Flessen champagne die in 1868 naar de familie Jonghbloed in Utrecht zijn gegaan bijvoorbeeld. Een etiket met het Nederlandse [Je maintiendrai]-wapen in oranje erop: vroeger maakte De Venoge wel vaker etiketten op verzoek van de klant. Tegenwoordig produceert het huis hooguit een gepersonaliseerde plaque, het metalen plaatje dat boven op de champagnekurk ligt. De hogere cuvée van De Venoge, Princes, komt in een elegante fles in de vorm van een karaf die vroeger werd gebruikt om wijn van z’n depot te ontdoen. Alles aan het merk De Venoge ademt geschiedenis.
Dat is bij de meeste klassieke champagnehuizen zo. In de hal van het kantoor van Roederer, in hartje Reims, staat de trotse buste van Louis Roederer die vanaf 1827 met zijn champagnes steeds grotere internationale faam verwierf. Een aantal decennia later produceerde Roederer speciaal voor de Russische tsaar champagnes in een kleurloze kristallen fles. Die markt mocht dan instorten met de Russische Revolutie, de topcuvée met de naam Cristal wordt nog altijd gemaakt.
Onder champagnehuis Veuve Clicquot in Reims zijn kilometerslange gangen, [‘crayères’], uitgegraven. De Romeinen haalden bouwmateriaal naar boven, eeuwen later bleken deze ruimtes, met een constante temperatuur van rond de twaalf graden, perfect voor het produceren en laten rijpen van champagnes. De oudste Veuve Clicquot flessen die er nu liggen stammen uit 1908, maar aanwijzingen uit een verder verleden zie je er ook. Zoals een houten vat met de tekst [‘vin de la comète 1811’]. In dat jaar stond de komeet van Flaugerges aan de hemel en – of er nu een verband is of niet – het champagnehuis produceerde met de oogst van 1811 een formidabele champagne. Een slimme marketingtruc? Volgens kenners van toen had het champagnehuis z’n beste champagne van de eeuw geproduceerd, en het fenomeen ‘kometenwijn’ is nog altijd een begrip in de wijnwereld.

Terug naar tradities
Champagne mag al ruim twee eeuwen te boek staan als ‘s werelds feestelijkste drank, er is in die tijd ook veel veranderd. Ooit was champagne een zoete drank. In de productiearchieven van Veuve Clicquot worden hoeveelheden van 300 gram suiker per liter genoemd (ter vergelijking: cola bevat ongeveer 110 gram per liter). Daar maak je de hedendaagse champagneliefhebber niet blij mee: 12 gram suiker is nu het maximum voor brut, de meest gedronken champagnestijl.
Champagne mag beroemd zijn geworden door merken, meer en meer kleine huizen maken nu hun eigen champagne. Druiventelers die generaties lang hun druiven verkochten aan de grote bedrijven kiezen er de laatste decennia vaker voor ze zelf te gebruiken. Deze [‘growers’], in het Frans aangeduid als [récoltant-manipulant], beheren hun eigen wijngaarden en maken vaak champagnes van heel specifiek plekken: terroirchampagnes dus.
En ten slotte wordt Champagne stukje bij beetje groener. Ook in deze wijnstreek groeit het besef dat duurzaamheid de toekomst is. Roederer werkt al grotendeels biologisch, zelfs biodynamisch. Deels terug naar oude tradities dus. Terug naar de geschiedenis die nooit is weggeweest.